Handreikingen voor de praktijk
V.1. Voorbeelden van inheemse spiritualiteit
Latijns Amerika
Tegenwoordig komen in Midden- en Zuid-Amerika uitingen van inheemse spiritualiteit nog veelvuldig voor, vooral in minder bevolkte gebieden zoals in de bergen en in het oerwoud. Deze uitingen vind je bijvoorbeeld in Midden-Amerika bij de maya's, azteken en tolteken die geloven dat ieder mens een spirituele connectie heeft met een dier (tonalli) dat hem beschermt. Sommige sjamanen zijn volgens deze tradities in staat om 's nachts te veranderen in hun dier, waarbij ze goede of slechte daden verrichten.
In de Zuid-Amerikaanse Andesregio worden nog steeds waterbronnen in de bergen vereerd. Dit heeft te maken met de centrale rol die de waterbronnen al eeuwen spelen bij de landbouw, waarbij zeer professionele irrigatiesystemen zijn ontwikkeld. Ook het offeren van alcoholische dranken aan de aarde (Pachamama) is een landbouwkundig ritueel gebruik, gericht op het verkrijgen van een goede oogst.
Azië
Een voorbeeld van een inheemse spirituele stroming in Azië is shinto (‘de weg van de geesten'), een geloofsovertuiging die is ontstaan in Japan. Het belangrijkste kenmerk van deze religie is het geloof in onzichtbare spirituele wezens en krachten (kami) en het geloof in de kracht van bepaalde rituelen, waardoor contact gemaakt kan worden met de spirituele wezens. Als de spirituele wezens op een juiste manier worden behandeld door middel van rituelen, zullen zij een gunstige invloed op het leven kunnen hebben en bijvoorbeeld goede gezondheid of zakelijk succes kunnen brengen. Het centrale punt in shinto ligt hierdoor bij de rituelen, niet bij de visie van het geloof op de wereldorde. Daarom wordt het vaak niet als een religie beschouwd. [4]
Afrika
In Afrika zijn ook vele voorbeelden bekend van inheemse spiritualiteit, zoals het geloof in geesten. Deze relaties worden verwoord door middel van spirit idiom.
Afrikaanse religieuze ideeën, aldus Ranger, zijn in hoge mate ideeën over relaties: relaties met andere levenden, met de geesten der gestorvenen, met dieren, met het land en met het woud. Dikwijls worden deze relaties met geesten ook wel aangeduid als spirit idiom: geesten van voorouders, van het land, water of woud, of geesten van gestorven vreemdelingen.
Geesten kunnen zich manifesteren door (letterlijk) bezit te nemen van levende personen. Er vindt dan een tijdelijke persoonswisseling plaats, waarbij de inbezitgenomene de persoonlijkheid aanneemt van de inbezitnemende geest. Dergelijke ideeën over relaties, geestenwereld en bezetenheid hebben ten doel de interactie tussen mensen te regelen en de nodige omgangsregels vast te stellen.
Tevens biedt het spirit idiom een verklaringsmodel voor ziekte, ongeluk of andere vormen van tegenslag. Dit wordt gezien als een breuk in de relaties tussen mensen- en geestenwereld, opzettelijk of onbedoeld. Terugkeer tot de normale verhoudingen gebeurt door na te gaan welke geest genoegdoening moet krijgen. Alleen dan is herstel van de relatie mogelijk. [5]
Met inheemse spiritualiteit wordt bedoeld: de spiritualiteit van inheemse volkeren, zoals die al aanwezig was vóór het contact met ‘westerse' volken. In plaats van over ‘inheemse religies' spreken we over ‘inheemse spiritualiteit'. Deze vormen van spiritualiteit verschillen inhoudelijk en organisatorisch namelijk nogal van de grote wereldreligies.
Omdat de meeste inheemse volkeren al eeuwenlang te maken hebben met westerse invloeden bestaat de ‘zuivere' inheemse spiritualiteit nauwelijks meer. Door uitwisselingen (cultureel of economisch) en bekeringsijver is veel inheemse spiritualiteit verloren gegaan of vermengd met andere religies. Het syncretisme bij de maya's in Guatemala is een goed voorbeeld van vermenging: het katholicisme is hier sterk vermengd met de traditionele maya-spiritualiteit.
Hoogleraar missiewetenschappen Frans Wijsen noemt spiritualiteit "het geloof in en interactie met spirituele wezens waardoor mensen geïnspireerd raken iets wel of niet te doen." [1] Een algemeen kenmerk van inheemse spiritualiteit is: de waarde die men toekent aan niet-menselijke actoren, zowel levende (dieren, planten) als niet-levende (stenen, overledenen). De geestelijke wereld, waar ook voorouders deel van uitmaken, en de natuurlijke omgeving zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.
Wijsen bestrijdt de aanname dat inheemse spiritualiteit altijd mens- en natuurvriendelijk is en daarmee een bron voor duurzame ontwikkeling. "Case-studies wijzen uit dat het onmogelijk is hierover te generaliseren." [2]
Raymond Pierotti en Daniel Wildcat, twee inheems-Amerikaanse wetenschappers, bevestigen dit:
"Those wanting to embrace the comfortable and romantic image of the Rousseauian ‘noble savage' will be disappointed. Living with nature has little to do with the often voiced ‘love of nature', ‘closeness to nature' or desire ‘to commune with nature' one hears today. Living with nature is very different from ‘conservation' of nature. Those who wish to ‘conserve' nature still feel that they are in control of nature, and that nature should be conserved only insofar as it benefits humans, either economically or spiritually. It is crucial to realize that nature exists on its own terms, and that non-humans have their own reasons for existence, independent of human interpretation. Those who desire to dance with wolves must first learn to live with wolves." [3]
Wijsen vindt het nauwelijks realistisch om (te) veel macht toe te schrijven aan de bijdrage die inheemse spiritualiteit kan leveren aan duurzame ontwikkeling:
"Veel aanvallen op duurzaamheid komen vanuit wereldwijde trends, zoals het geval is met de opwarming van de aarde. Daarom zijn interventies op het micro-niveau van de samenleving, bijvoorbeeld het stimuleren van inheemse spiritualiteit uit milieu-overwegingen, ontoereikend om een verschil te maken. Er moet een dialectische relatie zijn tussen strategieën op lokaal (micro-)niveau en strategieën op mondiaal (internationaal) niveau."
Reacties
- Geen reacties gevonden

Geef uw reactie