Handreikingen voor de praktijk

IV. Het boeddhisme

Vorige paragraaf                                                             Volgende paragraaf

Het boeddhisme is een traditie die zich richt op spirituele ontwikkeling. Boeddhisten streven naar een diep inzicht in de ware aard van het leven. Zij aanbidden geen goden. Het boeddhisme is ontstaan in India en door de eeuwen heen verspreid geraakt over het hele Aziatische continent, voornamelijk onder leiding van keizer Ashoka (268-231 voor Christus). Tegenwoordig zijn er ook veel boeddhisten te vinden in westerse landen.

Het boeddhisme is geen traditionele godsdienst. Boeddha is geen god, er is binnen het boeddhisme geen openbaringsgeschrift en er is ook geen overkoepelend instituut of een clerus. Toch is het boeddhisme ook niet zomaar een levenshouding. Diep geraakt door het mysterie van leven en dood probeert een boeddhist antwoorden te vinden op diep-religieuze vragen naar de zin, oorsprong en bedoeling van dit vergankelijke bestaan.
Alhoewel studie van zeer groot belang is in het boeddhisme, biedt het boeddhisme geen alternatieve filosofie. Het beschrijft de werkelijkheid niet op weer een andere manier, maar probeert de gelovigen in te leiden in een nieuwe werkelijkheid.

Verspreiding van het boeddhisme